Adam moest vandaag werken en dus had ik een lange zondag met klein babietje en grote peuter voor de boeg. Ik had besloten om op pad te gaan. Naar Paradise Park om precies te zijn. Een dinosaurus-speelpark in Newhaven. We waren er nog nooit geweest maar ik zag het wel zitten: Adam zou ons afzetten, na afloop konden we naar de supermarkt lopen en vandaar de bus terug pakken naar Seaford. Appeltje, eitje. Dinosaur! Dinosaur! riep Jasper blij. Totdat we binnen waren en een reusachtige dinosaurus begon te brullen. Jasper brulde van angst en sprong een halve meter de lucht in van de schrik. Go home mummy, huilde hij. Maar er was, letterlijk, geen weg terug. We moesten langs de dinosaurus en het duurde twintig minuten voordat ik hem gerustgesteld had en uiteindelijk wist ik hem bovenop de kinderwagen te planten (nee ik mag nog niet tillen, maar het was een emergency!) en konden we verder. Dinosaur too noisy mummy, zei hij later heel tevreden, alsof er niks gebeurd was. Toen we later richting de supermarkt liepen, begon Olive te huilen. Jasper hing aan mijn been en zei: hold me mummy, hold me. En dus deed ik boodschappen met twee huilende kindjes, wist af te rekenen en belde uiteindelijk een taxi om ons naar huis te brengen. Taxi car, lachte Jasper tevreden toen we op de achterbank zaten. Olive was eindelijk in slaap gevallen. De chauffeur klaagde dat het toch wel erg gesteld was met moeders die een taxi naar huis namen na het boodschappen doen. Ik twijfelde of ik heel hard zou gaan huilen, maar besloot dat ik beter kon lachen. En dus glimlachte ik vriendelijk terug.
Maandenlang was ik mai. Vanaf het moment dat Jasper wat klanken kon maken, had hij me die naam gegeven. In het begin hoopte ik nog dat hij mama ging zeggen of mummy, maar het bleef mai. Ik raakte er snel aan gewend, en gehecht. Het was een lief woordje, mai, en het was Jaspers woordje voor mij. Hij zei het vaak, soms de hele dag door. Vragend, lachend, smekend, huilend maar altijd mai, mai, mai. My mai, zei hij vaak. Mama is van Jasper. En toen kwam Olive en was mama niet meer alleen van Jasper. Ergens in zijn hoofdje moet hij dat bedacht hebben want vanaf het moment dat hij Olive zag, zei hij: mummy. Als een echt Engels jongetje. Mai was niet meer. Ik moest er even aan wennen. Een paar keer vroeg ik aan Jasper: waar is mai? En dan wees hij nog wel naar me maar zei: mummy. In de loop van de maanden was ik ervan overtuigd geraakt dat ik altijd mai zou blijven, zoals de moeder van Adam moo is voor de jongens, en nu moomoo voor Jasper. Maar ik ben ook trots op mijn nieuwe titel. Ik ben mummy van Jasper én van Olive.
Negen uur 's ochtends. We zijn een paar uur wakker. Adam is aan het werk en Jasper, Olive en ik wennen langzaam aan ons nieuwe bestaan samen. Jasper heeft al in zijn broek geplast en daarna in zijn schone broek gepoept. Een groot glas sap is omgevallen op het kleed. Jaspers gezicht zit vol snot, af en toe veegt hij het met zijn mouw over zijn wang en daar blijft het zitten totdat ik tijd heb om een doekje te pakken en het af te vegen. Maar eerst moet Olive drinken, en daarna nog wat meer drinken en dan nog een beetje. Jasper huilt. Zijn auto sleutel is kwijt. My car key mummy, roept hij vanuit de andere kamer, my car key. Het is een rood plastic staafje met gaatjes er in, uit zijn nieuwe mecano doos, en het hangt aan een lintje. Het is een zeer belangrijke sleutel. Help me mummy, roept Jasper. Maar Olive ligt nog te drinken en dus geef ik vanaf de bank aanwijzingen. De sleutel is terecht en Jasper komt naar me toegerend om hem te laten zien, valt over zijn hengel en huilt, huilt, huilt. Jasper moet eerst getroost worden en dus moet Olive even wachten op haar volgende lading melk. Ze huilt haar kleine baby huiltje zo hard als ze kan. Het is chaos. En het is ook feest. Even later zit Jasper met een boek naast me, is Olive weer aangelegd en is iedereen tevreden. Het maakt niet uit dat het huis plakt van geknoeide appelsap, dat de muren vies zijn van kleine peuter handjes. Het maakt niet uit dat we nauwelijks slapen en dat we de hele dag in pyjama zijn. We zijn samen en we zijn compleet.
Hoe zou Jasper reageren? Dat was tijdens mijn zwangerschap de grote vraag, na 'is het een jongen of een meisje?' We hadden van alles bedacht en ons op van alles voorbereid. Maar het ging heel anders. Jasper sloot Olive in zijn hart toen hij haar voor het eerst zag. Samen met Adam was hij die eerste dag naar het ziekenhuis gekomen. Ik hoorde hem aankomen en kon Olive nog snel in haar wiegje leggen, dat hadden Adam en ik zo afgesproken. Mai, zei Jasper toen hij me zag en liep meteen naar het kleine bedje van Olive. Oh baby! zei hij blij, mijn verzoek om een knuffel ging helemaal langs hem heen, ook al had ik hem wekenlang moeten beloven dat mama en Jasper weer normaal konden knuffelen als de baby uit de buik was. Mai, put baby on the bed, zei hij vervolgens en daar kreeg Olive haar eerste kusje van haar grote broer. Het was een echte kus met een smak op het eind. Wow, zeiden Adam en ik allebei, dat is een mooie kus. En zo bleef het vanaf die dag. De mooiste kusjes zijn voor Olive. Ollis, zegt Jasper. En als ze huilt dan komt Jasper naar me toegesneld en zegt: 'Give Ollis milk' of 'give Ollis cuddle'. En dan krijgt ze eerst een kus van Jasper, en soms als ik het heel lief vraag dan krijg ik er ook nog eentje.
Op 31 januari, om 1.21 in de ochtend, kwam ze eindelijk mijn buik uit. Na een bevalling van bijna 24 uur die eindigde in wederom een keizersnede. (Zoals de vroedvrouw het zei: mijn lichaam was goed in het zwangerschaps-gedeelte en ook in het 'labouring' maar niet in het allerlaatste stukje. Mijn bekken te klein en de baby in een moeilijke positie. Ik had alles gegeven en uit alle macht geperst maar moest uiteindelijk mijn laatste beetje kracht gebruiken om een handtekening te zetten op het operatie-formulier) It's a girl, riep Adam toen ze een klein rose bundeltje boven het blauwe OK scherm hielden, maar dat ontging me helemaal. Het was een babietje, het huilde en het leefde en het was eindelijk uit mijn buik. My baby, huilde ik mee, totdat de chirurg me tot stilte maande want er moest nog een operatie uitgevoerd worden. Mijn buik bleek een slagveld met overal verklevingen en littekenweefsel van de vorige keizersnee en dat moest eerst opgeruimd worden. Pas toen Adam het kleine pakketje vast kon houden en aan me liet zien, vroeg ik wat het was.En ja het was echt een meisje. Het mooiste meisje dat ik ooit had gezien. Het was Olive. Dochter van Adam en Onneke. Zusje van Jasper.
Nee, er is nog geen baby. De afgelopen negen maanden was er af en toe verwarring over de uitgerekende datum. We gingen van 31 januari, naar 1 februari, naar 29 januari en uiteindelijk naar de 30e. Bijna dus. Bijna. Als de baby er volgende week dinsdag nog niet is, 5 februari, dan moet ik naar het ziekenhuis om te kijken of het litteken op mijn buik het nog wel redt. Misschien moet de baby zelfs die dag gehaald worden met een keizersnee, maar dat hoop ik niet. Af en toe heb ik lichte weeën maar echt doorzetten wil het niet. En dan is Jasper er natuurlijk ook nog. De ouders van Adam zijn vanochtend vertrokken naar St Lucia voor 10 dagen, een vakantie die ze al geboekt hadden voordat ik zwanger werd, en dus is al onze hoop gevestigd op Jake & Amanda. Er zijn ook genoeg vrienden in de buurt, maar ik wil zo graag dat Jasp ergens is waar hij zich echt veilig voelt. En bij zijn oom en tante is hij heel erg graag. Adam is veel thuis want een hele dag alleen voor Jasper zorgen lukt me niet meer. En dus rommelen we wat aan met zn drietjes... en wachten we.
Het is tijd dat de baby komt, dat vindt Jasper ook. Iedere avond huilt hij grote tranen omdat het me niet meer lukt om hem in bed te leggen. Ik kan het wel als het moet, maar ons hele avondritueel met liedjes en melk en heel veel knuffels duurt iets te lang nu er nauwelijks nog ruimte is voor Jasper om op mijn schoot te zitten. En dus legt Adam hem in bed. Mai give milk, huilt Jasper hysterisch. En dan pakt hij met zijn kleine handjes mijn been vast en zegt: please Mai, please. Ja maar, papa vindt het ook leuk om jouw melk te geven, probeer ik dan. Of ik zeg heel streng: nee Jasp, naar boven nu. Maar de tranen blijven komen. Nadat we hem even laten huilen, gaat Adam meestal terug zijn kamertje in om een deal te sluiten. De deal is: mama komt nog een kus geven. Nee, zegt Jasper dan, a cuddle. Nee, zegt papa, a kiss. En zo verder totdat Jasper toegeeft en ik zijn kamertje in kan. Dan springt hij overeind en zegt: a cuddle Mai, a cuddle. Gisteren kwam ik weg met een kusje nadat ik had gezegd: Jasp de baby komt al heel snel, en dan kan mama jou weer gewoon knuffels geven. Dat snapte hij. Baby come now, zei hij. Ja, ik geloof dat zelfs Jasper er klaar voor is.
Hoewel ik er bij iedereen op hamer dat het echt even klaar is met cadeautjes voor Jasper, hoor ik van verschillende kanten dat het wel een goed idee is om de baby een cadeau mee te laten brengen voor zijn grote broer. Daar zit wat in natuurlijk. Jasper heeft ook zelf een knuffelbeertje uitgezocht voor zijn nieuwe broertje of zusje. En dus reed ik vanochtend met Adam mee naar Brighton toen Jasp naar de creche was. Ik wilde een mooie puzzel kopen want Jasper is sinds een paar weken geobsedeerd door zijn thomas the tank engine puzzels en hij is reuze trots dat hij ze helemaal zelf kan maken, zelfs die met 24 stukjes. Maar gisteren in bed had ik nog een klein cadeautje bedacht. Ik wist alleen niet of het wel bestond... In Brighton aangekomen waggelde ik zo snel mogelijk naar Animal World, een winkel vol knuffelbeesten en toen ik de drempel nog maar net over was, zag ik al meteen wat ik zocht: Baby Aap. Hij zat op me te wachten. Iedereen die regelmatig de BabyUK leest, weet van Aap. Jaspers beste vriend. Monk heet hij hier in huis. Ik wist dat er een grotere versie van Jaspers Aap bestond, en hoopte dat er ook een kleinere was. Het meisje in de winkel vertelde dat hij net die ochtend binnen gekomen was. In de auto terug naar Seaford liet ik Baby Aap aan Adam zien. Adam vond m prachtig en de hele weg naar huis moesten we er om lachen. Monk krijgt ook een broertje of een zusje.
Ik ben al weken heel veel thuis. Autorijden staat me een beetje tegen met die dikke buik en aangezien het leven met een peuter al druk genoeg is, probeer ik zo veel mogelijk te rusten. Als Jasper tussen de middag slaapt, dan ga ik ook naar bed en als hij lekker aan het spelen is, ga ik snel even zitten met mijn voeten omhoog. Maar gisteren wilde ik de deur uit. En dus gingen Jasp en ik samen naar Brighton met als missie een dekbedje voor Jasper. Het regende en stormde en het was niet de ideale dag om op pad te gaan, zeker niet gezien het vergevorderde stadium van mijn zwangerschap, maar we vonden uiteindelijk een parkeerplaatsje in de grote garage en Jasper ging netjes in de buggy zitten. My duvet, riep hij de hele tijd en uiteindelijk vonden we een eenpersoons dekbed, een heel plat kussen en een mooie hoes met gekleurde dieren. Toen moest ik de buggy met Jasper en de reusachtige tas waar alles inzat nog terug duwen naar de auto en terugrijden naar Seaford. Ik was uitgeput. Maar Jasper was apetrots op zijn veel te grote dekbed. Het ligt dubbelgevouwen in zijn spijlenbedje zodat het een beetje een slaapzak is. Gisteravond gingen Adam en ik om de beurt kijken hoe hij lag te slapen onder die enorme berg dons, met zijn hoofd op zijn kussentje, een beker met water onder zijn ene arm, aap onder de andere en een hele dierenfamilie daaromheen. De baby is er nog niet, maar Jasper is al helemaal grote broer.
Het duurde eindeloos voordat Jasper begon te praten. Het was soms alsof hij niet durfde. Dan fluisterde hij heel zachtjes een woord, en dan alleen tegen mij of tegen Adam. Nadat het laatste bezoek uit Nederland in december geweest was, besloot ik om even over te schakelen naar het Engels. Normaal gesproken praat ik Engels als Adam thuis is en probeer ik Nederlands te praten als Jasp en ik samen zijn. Hij verstond allebei de talen goed, maar praten schoot maar niet op. Ik wilde het even vooruit duwen, ook omdat het me handig leek als hij zichzelf wat beter uit kan drukken als de baby er is. En het werkte. Inmiddels kletst Jasper de oren van mijn kop en zegt eindeloos woordjes na en iedere dag leert hij nieuwe woorden en maakt hij meer zinnen. Hij heeft geleerd om please te zeggen en thank you, zoals het een beleefd Engelsmannetje betaamt, en als hij stout is geweest zegt hij daarna sorry, al klinkt het meer als sowwy. En iedere dag hebben we een klein gesprekje over de baby, die Jasper steevast de bahy noemt. Het werd tijd om het Nederlands weer in te voeren, en dat gaat ook best goed. We maken er een beetje een spelletje van en oefenen samen woordjes. Dan zeg ik: papa zegt 'tree' en mama zegt... En dan zegt Jasper zachtjes: boom. En 's avonds lezen we over mannetje Jas die het altijd koud heeft en over slak en zijn super vrienden en dan herhaalt hij alle woordjes met een Engels accent en zachte g. Het gaat wel goed komen met die twee talen.
Mijn tweede zwangerschap is heel anders dan mijn eerste. Toen Jasper nog in mijn buik zat, had ik zo veel tijd. Tijd voor zwangerschapsyoga. Tijd om me voor te bereiden op de bevalling. Tijd om gewoon op de bank te zitten met mijn handen op mijn buik en na te denken over dat kleine wezentje dat voor altijd bij ons ging horen. Nu heb ik een heel ander dagelijks leven. Bijna alles draait om Jasper en om ons kleine huishouden. Ik maak steeds lijstjes met dingen die ik nog moet doen, en als die lijstjes afgewerkt zijn dan heb ik weer een nieuw lijstje in mijn hoofd. En steeds als ik denk dat mijn nest af is, ontploft de boel weer en ligt er weer een berg was te wachten, moet er weer stofgezogen worden, en heeft Jasper al zijn speelgoed op een reusachtige hoop gegooid en zegt heel tevreden: look Mai, the sea. Ja een zee van rommel. 's Avonds ben ik te moe om nog tijd te maken voor het trappelende mensje in mijn buik. Dus laat ik de yoga en schop de zwangerschapsboeken onder het bed. Het enige wat lokt, is de berg met kussens op bed en een beetje warme melk. Ons tweede kindje zal er ineens zijn. Zonder dat ik er echt bij stil gestaan heb, zonder eindeloze gedachten over het wonder dat zich voltooid heeft in mijn buik. Maar hij of zij zal voor altijd bij ons horen, net zoals Jasper. En ons kleine huishouden zal wat groter worden en nog wat drukker. Maar geef me nog een paar weken om me voor te bereiden.
Weet je het echt niet?? vragen mensen steeds. Nee, ik weet het echt niet. Ik wilde het wel weten maar ik wilde het ook niet weten. Ik wil het pas weten als ons kindje klaar is om de wereld in te komen. Maar ik denk wel al dik acht maanden dat het een jongetje is. Toen ik zwanger was van Jasper dacht ik de eerste zeven maanden dat er een meisje in mijn buik zat, en de laatste twee maanden had ik het opgegeven. Ik wist het niet, het kon een jongetje zijn of een meisje, heel eenvoudig. Nu probeer ik dat ook steeds te bedenken. It's a boy or a girl. Maar toch denk ik steeds: het is een jongetje. Ik heb geen voorkeur. Een jongetje lijkt me geweldig... en een meisje ook. Een gezond kindje dat net zo veel lacht als zijn of haar grote broer, daar hoop ik op.
Jasper heeft een hele lading nieuw speelgoed gekregen met kerstmis. Maar zoals altijd speelt hij er nauwelijks mee. Er zijn zo veel andere dingen om mee te spelen, en ik laat hem en geniet op een afstandje. Gisteren was de steel van de stofzuiger een paard. Hij had het tussen zijn beentjes gestoken als een stokpaardje en riep de hele tijd: My horse, my horse. Na al dat geren kreeg het paard honger en dus haalde Jasper een pan uit de keuken en vulde die met steentjes van het strand. Eat my horse, eat. Daarna mocht het paard slapen onder de tafel, met een dekentje. De pan was inmiddels omgetoverd tot muziekinstrument en Jasper trommelde er op los met een plastic lepel. Ben je een muzikant Jasp, vroeg ik vanuit de keuken. Jasper knikte en rende even later naar de gang om zijn muts te pakken, die legde hij op de grond, zoals de straatmuzikanten in Lewes doen. Mai, mai, riep hij, give me a coin! En dus gaf ik mijn straatmuzikantje een muntje in zijn muts. Hij straalde helemaal en ik was zo trots op hem. En daarom een verzoek voor iedereen die het komende jaar nog deze kant op wil komen: neem alsjeblieft geen kadootjes mee. Kadootjes zijn voor verjaardagen en voor kerst en sinterklaas. We hebben al zo veel en Jasper speelt er zo weinig mee. Soms hoor je volwassenen sneren dat kinderen zo verwend zijn. Maar een kind ís niet verwend, een kind wórdt verwend. Jasper heeft in ieder geval niet veel meer nodig dan wat pannen en lepels. En dat willen Adam en ik graag zo houden.
Vandaag was de eerste echt rustige dag in weken. Heeeerlijk! Ik ben klaar met werken maar Jasper blijft voorlopig drie ochtenden in de week naar de creche gaan en dus was ik vanochtend alleen thuis. Gisteren hadden Adam en ik de hele dag puingeruimd, een nieuwe kast in elkaar geschroefd en een plank opgehangen, speelgoed uitgezocht en schoongemaakt. Ik had de babykleertjes samen met Jasp gesorteerd en in de wasmand gestopt en een berg met schone was opgevouwen. Vanochtend toen de jongens de deur uit waren, overviel me een wonderbaarlijke rust. Muziekje aan, ontbijt gemaakt en aan tafel gezeten met een tijdschriftje. Daarna wat aangerommeld, formulieren ingevuld voor kinderbijslag en in bad en toen was het alweer tijd om Jasp op te halen. Die heeft na een ochtend creche altijd honger en slaap en toen hij weer in zijn bedje lag, kon ik op de bank. 's Middags hebben we samen aan tafel gezeten en memory gespeeld en toen een puzzel gemaakt en het was zo gezellig samen. Ik zie uit naar de komst van de baby maar ik ben ook blij met deze laatste weken. Met iets meer tijd voor mezelf en nog even extra veel tijd voor Jasper. Het is de stilte voor de storm.
De laatste weken van het jaar zijn hier altijd de drukste weken. Kerst is een groots festijn in Engeland, zeker als je kinderen hebt, en wordt al weken van tevoren gevierd met christmas parties en christmas drinks met vrienden en familie. Op de dag zelf eet zo'n beetje heel Engeland hetzelfde gerecht: kalkoen met alle trimmings en veel wijn. Alles gaat volgens traditie. Ontbijt, lunch, de hapjes, het toetje, de kadootjes. En na vijf jaar in Engeland kan ik eindelijk met volle overtuiging meedoen. We hadden Jasper al dagenlang uitgelegd dat de grote sokken, de christmas stockings, opgehangen moesten worden bij de openhaard op kerstavond en dat father Christmas dan door de schoorsteen zou komen met kadootjes, 's nachts als iedereen lag te slapen. Jasper vond het reuze spannend. Voordat hij naar bed ging op kerstavond hadden we met zn drietjes alles klaargezet, een mince pie voor de kerstman en een flesje cider met een glas, en een wortel voor het rendier. Daarna hadden we een liedje gezongen voor de kerstman: jingle bells, want dat is het enige kerstliedje dat Jasper kent. De volgende ochtend toen Jasper wakker werd riep hij heel hard: down mai, go down now. En dus gingen we snel met zn drietjes naar beneden en keken heel voorzichtig om het hoekje van de deur. Was hij geweest?? Jasper wist het niet helemaal zeker want het was nog een beetje donker. Maar toen riep hij ineens: Jaaaaaaaah en wees naar het bordje met de kruimels en de aangevreten wortel. Hij was echt geweest. Dat was mijn lievelings moment. En al die kadootjes en dat lekkere eten daarna was leuk, maar niet zo mooi als die twee grote ogen van Jasper die ochtend.
Oh kindje van mij! Dat dacht ik toen Jasper met alle andere kinderen de kerk in Seaford in kwam lopen. Het festijn was niet helemaal goed begonnen want ik had Jasper die middag wakker moeten maken omdat we anders te laat zouden komen. En Jasper wakker maken, is vragen om problemen. Een half uur lang huilde hij grote tranen en met heel veel moeite kreeg ik hem weer in de auto om naar de creche te rijden. Op de parkeerplaats wilde hij zijn schild niet om, totdat ik zei dat het een tas was en of Jasper die voor mama wilde dragen. Tuuuurlijk, knikte hij meteen. De kerk zat bomvol en alle kindjes moesten in hun prachtige outfits op het podium zitten op kleine stoeltjes. Dat ging allemaal goed. De leidster las een verhaal voor over de 'festive farm' en tussendoor kwamen alle bekende Engelse kinderliedjes langs. De kleintjes zongen mee en maakten alle bijbehorende bewegingen met hun handen. Niet mijn Jasper. Die had ontdekt waar mama stond en keek me de hele voorstelling met grote ogen aan. Mai, zag ik zijn mondje af en toe zeggen. Toen hij bij het schildpaddenlied naar voren moest komen met de andere schildpadden deed hij dat netjes, hoewel ik hem even zag twijfelen of hij niet beter naar me toe kon rennen. Daarna kwam de kerstman binnen en dat was voor veel kindjes te veel. Ook voor Jasper, die kwam op me afgestormd met grote tranen. Maar toen we weer thuis waren, wilde hij zijn schild niet meer af en zong uit volle borst en dan vooral over de schildpad die al het badwater op had gedronken... bubble bubble bubble.
Al heel wat weken terug kreeg Jasper een briefje mee naar huis van de creche. Er stond op: this year your child will be a ...... in our annual christmas show. En op het stippellijntje had een van de leidsters ingevuld 'turtle'. Adam en ik kregen allebei tranen in onze ogen. Adam van het lachen en ik van emotie dat mijn zoon al zo groot is dat hij meedoet in een heuse voorstelling. Of we het kostuum konden maken, stond er ook nog bij. En al die weken dacht ik: tuurlijk. Een schildpad, dat is niet zo moeilijk. Het spektakel is morgen middag en gisteren dacht ik ineens: oh god, wat ga ik maken? En dus gingen Jasp en ik samen naar de stoffenwinkel in Seaford en legde het probleem voor aan de aardige mevrouw die daar werkte. Die nam het zeer serieus en kwam aan met een rond kussen, stof om een hoes te maken en voor het patroon op het schild. Nog wat banden voor over zijn schoudertjes zodat hij zijn schild als een rugzak kon dragen, een effen outfit eronder en een muts erbij. Klaar. Nou ja bijna, gisteravond zat ik de hele avond op de bank met naald en draad en wist uiteindelijk een donker groene hoes te maken voor om het kussen. Adam knipte ondertussen de turqoise (want staat leuk bij zijn hema muts) vlekken voor op het schild en aan het eind van de avond hadden we het kussen in de hoes en de vlekken op het schild. Het zag er prachtig uit, vonden we zelf. Jasper zelf heeft al enige tijd twijfel over zijn rol als schildpad. Steeds als ik erover begin zegt hij: no mai, shark. Ik ben geen schildpad, ik ben een haai. Maar toen hij vanochtend zijn schild zag liggen, sloeg hij toch even zijn handjes voor zijn mond. En toen ik zei dat deze turtle én heel groot én heel snel was, kon hij zich wel verzoenen. Morgen volgen de foto's en het verslag.
Jasper heeft vannacht eindelijk weer geslapen. Dat ging zo: ik kon echt niet meer, niet nog een nacht zonder slaap. Ik heb ook nog een kindje in mijn buik waar ik voor moet zorgen. En dus had ik toen we samen in bad zaten Jasper uitgelegd dat hij echt moest proberen om te slapen. En dat hij mama niet mocht roepen omdat hij een knuffel wilde, alleen als hij au had. Ik had hem uitgelegd dat Aap zich een beetje alleen had gevoeld omdat Jasper nu al nachtenlang alleen maar mama wilde knuffelen en dat hij als hij wakker werd eerst Aap moest zoeken. Dat mama's ook moesten slapen. En dat de baby in de buik ook moe was. En uiteindelijk had ik gezegd: als je vannacht goed slaapt, gaan we morgen iets leuks doen. Flo, zei hij meteen. Flo is zijn vriendinnetje Florence en er is niks leukers dan spelen met Florence. Al om kwart voor 6 lag hij in bed want hij was zo moe van al die slechte nachten. En de hele nacht bleef het stil. Toen Adam om 7 uur op stond om te gaan werken, was het nog steeds stil. Om 8 uur toen ik onder de douche stapte, hoorde ik nog steeds geen geluid. Uiteindelijk ging ik om half 9 zijn kamertje in en daar lag hij in een diepe slaap. Heel voorzichtig deed hij zijn oogjes open, gaf me een big smile en zei: Flo. En daarna: no call mai. Ik heb mama niet geroepen. Vanmiddag gaan we spelen bij Florence.
Jasper is nog steeds ziek. Hij hoest, hij spuugt, hij zweet en huilt de hele nacht lang en ik loop op mijn laatste benen tussen zijn en mijn bed heen en weer. Meestal belandt hij tegen de ochtend tussen Adam en mij in, met drijfnatte haartjes en zijn gezichtje vol snot. Veel heb ik niet geslapen sinds Edinburgh en echt goed voel ik me nu even niet. Maar dat is okee. We zijn de dagen doorgekomen op de bank en op bed met heel veel boeken en grappige gesprekjes. Mijn lievelings gesprek van de afgelopen dagen ging over tante Marieke. Jasp heeft het vaak over haar en hij heeft onlangs het boek ontdekt dat hij een tijd terug van Misja gekregen heeft: Adam in Amsterdam. Het is een soort reisgids/leesboek voor kinderen en Jasper is er nog een beetje te klein voor maar omdat Ki in Amsterdam woont, wil hij het toch steeds zien. Eerst vertelt hij me dan over de dieren in Artis waar hij met Mariek geweest is en dan over de treinen die je vanuit haar raam kan zien. En waar woont Ki dan? En dan komt het: in Hammerkam. En als ik dan zeg: Hammerkam?? Dan zegt hij heel streng: No, no, no mai. Alsof hij wil zeggen: nee dat zeg je verkeerd. En dan herhaalt hij nog een keer: Hammerkam. Amsterdam?? zeg ik dan. En dan knikt hij tevreden: Jah mai, Hammerkam.
Afgelopen week waren Adam en ik twee dagen naar Edinburgh. Jasper logeerde bij zijn Engelse opa en oma, Grandpa & Moomoo en wij vlogen dinsdagochtend vroeg naar Schotland. Wat een feest. We sliepen in een prachtig hotel en wandelden van cafeetje naar juicebar naar restaurant, deden kerstinkopen, dronken glühwein op de kerstmarkt en bezochten Edinburgh castle. En ja we hadden het wel vaak over Jasper, ook omdat we allebei zo gewend zijn om dingen aan hem te laten zien. En dus wezen we voortdurend naar motors, kerstbomen en etalages vol kerstverlichting en zeiden: Jasp would have loved that... Woensdagavond vlogen we weer terug en die nacht werd Jasper ziek en lag de hele nacht met zijn warme zieke lijfje tussen ons in. Nu zijn we drie lange zieke nachten verder en lijkt onze mini break alweer eindeloos ver weg. Jasper knapt weer een beetje op en hopelijk is hij volgende week weer helemaal de oude en klaar voor alle kerst festiviteiten. Het worden drukke weken!
Jasper is groot geworden. Groot, lief, mooi, sterk, klein kindje van mij. 's Nachts wordt hij soms nog wakker en dan heeft hij vaak gedroomd en zit met grote bange ogen in zijn bedje. Vannacht ook. Mai, Maaaaaai, schreeuwhuilde hij midden in de nacht. Hij kroop weg in mijn armen terwijl ik hem gerust probeerde te stellen en zo zaten we twintig minuten lang op de grote mand in zijn kamertje, terwijl de baby in de buik schopte en schopte. Ik was volmaakt gelukkig. Jasper dicht bij me, zo vertrouwd. De geur van zijn haartjes, zijn armpjes om mijn nek, de stof van zijn pyjamaatje, het geluid van zijn ademhaling. Alles. En dat kleine babietje in mijn buik dat schopt en trappelt. Een jongetje, denken we steeds, maar een meisje kan natuurlijk ook. Nog onbekend, maar toch al vertrouwd en onderdeel van ons gezin. Uiteindelijk legde ik Jasper weer terug, maar hij bleef bang en kwam uiteindelijk in het grote bed terecht. Tussen Adam en mij in. En zo sliepen we de rest van de nacht, met zijn vieren dicht tegen elkaar aan. Toen ik vanmorgen mijn ogen opendeed, was Jasper al wakker. Hij had me niet wakker gemaakt maar gewoon gewacht. Mai, zei hij zachtjes. Groot, lief, mooi, sterk, klein kindje van mij.
Nog 9 weken te gaan. Of 11 of misschien nog maar 7... wie zal het zeggen. De buik groeit en groeit en in huis wordt langzaam ruimte gemaakt voor nog een kindje. Jaspers baby kleertjes moeten uitgezocht worden. Ik heb een tweedehans kinderwagen/autostoeltje gekocht. De slaapkamer is opnieuw ingericht zodat de mosesbasket makkelijk naast het bed kan staan. En ik ben vooral de hele dag in de weer met opruimen. Kamer voor kamer maak ik schoon gewapend met stofdoek en stofzuiger. Jasper maakt er dan dezelfde middag nog een enorme puinhoop van, maar dat maakt niet uit. Aan het einde van de dag kruipen we samen op handen en voeten rond en rapen duplo blokken, plastic gereedschap en half opgegeten rijstwafels op. Soms lijkt het alsof er alleen maar meer huishoudelijk werk te doen is iedere dag, maar inmiddels heb ik bedacht dat dat komt omdat ik een stuk trager ben. Jasper lijkt, na de aanschaf van de kinderwagen en een bezoekje aan de vroedvrouw, ineens te snappen dat de baby ook echt bij ons komt. Hij maakt zich nu af en toe zorgen over hoe de baby dan de buik uit moet. Vandaag heb ik uitgelegd dat de babydokter een speciale sleutel heeft die in de navel past. Hij knikte heel serieus, alsof hij wilde zeggen: ik snap het mama. Soms zou ik willen dat het al eind januari was. Een broertje of een zusje voor Jasper, ik kan niet wachten.
Het is zaterdagavond en Jasper ligt te slapen. Vannacht rond een uur of twee komt Adam weer thuis. Jasper heeft hem drie weken helemaal niet gezien. Marieke (ook wel bekend als Ki en de allerliefste peettante op de wereld) is weer naar huis. In de gang staat een groot kunstwerk voor papa dat we vanmiddag gemaakt hebben. Het bestaat uit het grote schoolbord waar ik opgeschreven heb: Welcome home King Papa (dat is Jaspers nieuwe naam voor Da), vier ballonnen (een voor Mai, een voor Jasper, een voor Papa en een voor de baby), een collectie herfstbladeren die we vanmiddag in het park opgeraapt hebben en twee schilderijen van Jasper. Wat wil je maken voor papa? vroeg ik. En daar hoefde Jasper echt niet over na te denken. Een koe. De koe is een groot vel met heel veel zwarte verf en een beetje blauw voor de lucht. Daarna hebben we handafdrukken gemaakt en toen nog een groot gekleurd hart. Morgen zijn we weer compleet, na zes lange weken, en ik kan niet wachten...
Een kindje voorbereiden op een broertje of een zusje, hoe doe je dat? Volgens de deskundigen moet je pas een week of 6 voor de bevalling over de baby beginnen. Dat is meer dan genoeg tijd. Maar zo was het bij ons niet gegaan. Toen we vrienden en familie over de baby gingen vertellen, zeiden we ook steeds tegen Jasper: er zit een baby in mama's belly. Af en toe probeerde ik wat meer te vertellen en dat leverde dan hilarische gesprekjes tussen Jasper en mij op. Maar hij leek het wel een beetje te snappen. Mama's buik kreeg kusjes en aaitjes en de baby kreeg kadootjes en hapjes eten via mijn navel. En toen ineens was hij er klaar mee. Het is natuurlijk ook een eeuwigheid voor een kindje van twee. Negen maanden! Dat mijn buik groeit, dat valt Jasper niet zo op. Mama is gewoon mama. En nu heeft hij besloten dat er helemaal geen baby in de buik zit. Er zit een koe in. Nee toch, zeg ik dan. En dan zegt Jasper met een grote lach: jah! Het is een beetje alsof hij wil zeggen: het is goed met jullie, al dat gepraat over een baby, ik doe niet meer mee. 's Avonds voor het slapen gaan, zitten Jasper en ik altijd samen op de stoel in zijn kamertje. Dan drinkt hij nog een beetje melk en praten we nog even over de dag die bijna voorbij is. Daarna legt hij zijn hoofd op mijn schouder om te knuffelen en af en toe komt zijn hoofdje dan nog even omhoog en dan heeft hij nog iets kleins dat hij moet vertellen. Gisteravond ook. Ineens keek hij omhoog en zei: Mai? En daarna keek hij naar beneden naar mijn buik die prachtig naar voren steekt. Ik zei: Jasp, er zit toch geen koe in mama's buik? No mai, zei hij zachtjes. Zit er een baby in? Jah, zei hij en tegelijkertijd aaide hij met zijn kleine handje over mijn wang, gaf me nog een kus en legde zijn hoofdje weer neer. Alsof hij wilde zeggen: maak je maar geen zorgen mama, ik maak maar grapjes.
Als de weblog verwaarloosd wordt en mailtjes en telefoontjes onbeantwoord blijven, dan betekent dat meestal maar één ding. Dat het druk is hier. Het zijn zware weken geweest. We beginnen nu aan week 5 van de 6 weken dat Adam weg is. De cursus in het noorden is met succes afgerond en Adam is nu een gekwalificeerd electricien. Dat is geweldig nieuws. Maar vandaag moest Adam meteen door naar Tenerife om nog twee weken les te geven. Week 1 vloog voorbij, en week 2 en 3 waren papa en mama hier om te helpen, maar in week 4 viel het ineens toch tegen. Jasp en ik zouden eigenlijk naar Nederland komen, maar ik zag het op het laatste moment niet zitten. Mijn kindje miste zijn papa, huilde veel, was ineens heel eenkennig en sliep niet goed. Het leek me makkelijker om hier thuis een beetje aan te rommelen, ook omdat ik 28 weken zwanger ben en het toch ook een beetje rustig aan moet doen. Adam was in het weekend nog thuis en dat was heerlijk maar toen hij op maandag vertrok, was Jasper in alle staten. No more, zei hij de hele tijd, Da home. Hij huilde grote tranen en weigerde te slapen, twee dagen lang. Woensdag kwamen we weer een beetje op adem maar woensdagnacht kreeg ik buikgriep en de laatste twee dagen van de week ben ik met moeite doorgekomen. Adam kwam vrijdagavond thuis en moest zaterdag aan het einde van de ochtend weer weg. Dat leek me niet echt lekker voor Jasper en dus ging hij logeren bij zijn uncle Jake en auntie Amanda. Nu zijn Jasp en ik weer samen. Ik voel me weer wat beter en Jasper heeft het dan wel de hele tijd over 'my Da', huilen doet hij niet meer en slapen gaat weer redelijk. We komen er wel.
Jasper heeft een nieuwe winterjas. Ineens was het echt koud geworden en waren zijn warme vest + bodywarmer niet meer genoeg. Ik had er niet echt over nagedacht. Iets warms en iets wat handig is om buiten te spelen. In de winkel waar we terecht kwamen, hingen een stuk of zes verschillende modellen voor jongetjes. Zag er goed uit, niet te duur. Ik keek een beetje tussen de rekken en zocht naar Jaspers maat terwijl Jasp rustig in de buggy zat. Maar ineens stapte hij er resoluut uit en liep linea recta naar een winterjas met... Bob the Builder. Juist. Jasper weet helemaal niet wie Bob the Builder is, behalve dan dat hij een bulldozertje heeft en dat staat naast de lift in het winkelcentrum van Eastbourne. Maar Bob heeft gereedschap en dat gereedschap stond op de jas, een schroevendraaiertje, een nijptangetje en als grote klapper hing er een klein hamertje aan de rits. Me, me, zei Jasper en wees met zijn vingertje naar zijn wang. Dat was zijn jas. Ik hield nog een stoer, hip, geruit modelletje omhoog, maar Jasper riep: Noooo Mai. En stampte even met zijn voetje. Hij had de Bob the Builder jas al half aangedaan, en die jas ging voorlopig niet meer uit. Dus ik heb hem afgerekend. En ik moet eerlijk zeggen dat het zo mooi staat. Niet omdat de jas nou zo prachtig is, maar het kindje in de jas kijkt zo ontzettend trots dat zijn wangetjes er van glimmen.
Gisteren was een grote dag. Jasper ging voor het eerst naar de kapper. Hij vond het eerst maar niks maar uiteindelijk stemde hij in, hij wilde wel 'chop chop' in zijn haartjes. En dus reden we in de ochtend naar Brighton en zat Jasper een uur later in de kapperstoel bij barber black sheep. Hulde aan de kapster die zijn haar wist te knippen zonder dat Jasper ook maar twee seconden stil zat. Daar ging die mooie blonde krullenmat. Jasper was ineens van een schoffie een engeltje geworden. Daarna gingen we samen de stad in want Jasper kreeg een step. Normaal koop ik geen cadeautjes voor hem, alleen af en toe een boek, en al helemaal niet zo'n groot cadeau. Maar Jasper speelt op de creche alleen maar met de step, weet ineens fietsenwinkels aan te wijzen en heeft een vriendje in de buurt die ook een step heeft wat vooral voor grote tranen zorgt als we op bezoek zijn. Adam en ik hadden besloten dat Jasper ook een step zou krijgen. En dus gingen we naar Argos, waar ze alles verkopen wat je maar voor mogelijk houdt en zochtten een stepje uit. De Engelsen zeggen scooter en dus zat Jasper even later stralend in de buggy en riep alleen maar: scooo-tuh, scoooo-tuh. We gingen naar de speeltuin op het strand, haalden onderweg een picknick en toen mocht eindelijk de step uit de doos. En weg was hij. Byeeee mai, zei hij nog. Echt steppen kan hij niet. Hij loopt naast het stepje en houdt het stuurtje met twee handjes vast. Het is een beetje alsof hij een hondje uitlaat. Ik zat ondertussen in de zon met mijn décaf cappucino en tranen in mijn ogen. Er liep een engeltje door de speeltuin met een klein stepje en een big smile. En dat engeltje hoort bij mij.
Jasper kijkt nog geen tv, we dachten dat we dat beter zo lang mogelijk konden uitstellen en tot nu toe gaat dat heel goed. Een week of zes geleden was Jasper wat ziekjes en wilde hij alleen maar vastgehouden worden. Adam zei: misschien kunnen we een dvd kijken. Finding Nemo, leek ons wel wat want Jasper is gek op vissen. Maar die hadden ze niet in de winkel waar ik boodschappen ging doen en dus zocht ik wat anders uit. Het werd Curious George, een tekenfilm met een aap die net op Jaspers aap lijkt. Jasper vond het prachtig. Hij zat heel dicht tegen zijn papa, met aap onder zijn kin geklemd en slaakte af en toe kreetjes van geluk. Hij straalde er van. Ja, ik kon wel zien waarom het makkelijk is om een kind voor de tv te zetten. Een dag later was Jasper weer opgeknapt en rende meteen naar de televisie. Hij wilde monkey weer zien, maar ik zei heel resoluut: Nee. En na een paar tranen was dat ook goed en was de film weer vergeten. Tot gisteren. Adam vertrok gisteren in de magic bus naar het noorden waar hij de komende vier weken een cursus gaat doen en daarna is hij nog twee weken naar tenerife voor werk. We zien hem alleen de komende drie weekenden en dat is voor Jasper (en voor mij) wel heel erg weinig. We hadden het afscheid heel luchtig gehouden maar toen Adam de straat uit reed, kwamen de tranen bij Jasper. Hij was niet te troosten. Ik probeerde van alles maar Jasper wilde alleen maar boven op mijn dikke buik zitten en huilen. Toen dacht ik ineens aan Curious George. Toen ik het aan Jasper voorstelde, waren zijn tranen en snotneus met één veeg van zijn mouw weg. Jah jah jah. En dus hebben we samen op de bank gezeten, heel dicht tegen elkaar aan. Na twintig minuten had Jasper er weer genoeg van, stond op en ging in de tuin spelen, terwijl ik snel de dvd weer verstopte. Voor de volgende emergency.
In de buurt van Glynde, net om de hoek van het beroemde operahuis Glyndebourne, ligt een lama boerderij. In de weilanden staan honderden lama's met hun lama babies en het is iedere keer weer feest als we langs rijden. Niet alleen omdat de lama's zo prachtig mooi zijn maar ook omdat de lama boer een geweldig huisdier heeft: een kameel. De kameel heeft een eigen veld en het Engelse landschap lijkt hem wel te bevallen. Altijd als we Adam op het werk afzetten of als we boodschappen gaan doen in Lewes dan zeg ik tegen Jasper: zullen we naar de kameel gaan kijken? En dan zegt Jasper: jah jah jah! En dan rijden we het kronkelige landweggetje af en parkeren de auto half in de berm. Jasper vindt het prachtig, en ook een beetje spannend en eng want de kameel is reusachtig en soms komt ie heel erg dichtbij. De rest van de dag wil hij steeds opnieuw vertellen wat hij gezien heeft. Dat de kameel lag te slapen, dat de kameel aan het eten was of dat de kameel Jasper een kusje wilde geven. De hele wereld moet wonderbaarlijk zijn voor een tweejarige en aan al die wonderbaarlijke dingen wen je langzaam tot ze ineens gewoon zijn. Maar de reusachtige kameel in het oud Engelse landschap lijkt nooit gewoon te worden, niet voor Jasper en niet voor mij.
Jasper praat steeds meer en durft vooral steeds meer te zeggen. Maar hij heeft ook nog zijn verzameling zelf verzonnen woorden die hij dagelijks gebruikt. Mama is nog steeds Mai, papa is nog steeds Da en een paard is nog steeds een kiko. Sinds een paar weken heeft hij ook een woordje voor andere mensen die hem dierbaar zijn. Toen grandma en grandpa hier waren noemde hij grandma ineens Fám. Een paar dagen later was auntie Amanda ook Fám en niet veel later sprak hij uncle Jake ook zo aan. Niet iedereen heeft meteen door wat hij bedoelt en dan roept Jasper: Fám, fám, fáaaaaaaaaam! Toen Adam's andere broer een dagje over was uit Frankrijk duurde het een paar uur, maar toen besloot Jasper dat hij ook Fám was. Dit weekend was Marieke hier, Jasper's peettante, en Jasper is een grote fan van haar. Het duurde niet lang of hij had haar ook uitverkoren. Fáaaam, klonk het de hele dag, fám, fám, fám. Fám moest mee in de zandbak, boekjes lezen en verstoppertje spelen onder de tafel. Vanmorgen moest Marieke weer naar huis en toen Jasper uit de creche kwam, wees hij met zijn vingertje naar de lucht en zei: Fám. Plane. Bye.
Als je zwanger bent, krijg je vaak dezelfde vragen. Vrouwen vragen: 'ben je al veel aangekomen?' of 'is je buik al dik?' En mannen vragen (in Engeland dan): have you had any cravings yet? En hoe vreemder het antwoord, hoe beter. Een vriendinnetje van mij was geobsedeerd door de lijm die op enveloppen en postzegels zit. Toen ze zwanger was, wilde ze iedere dag iets op de post doen, alleen maar om even langs het randje van een envelop te kunnen likken. Zo erg is het met mij niet. Zoals gezegd had ik tijdens mijn eerste zwangerschap vooral behoefte aan peren, en ook at ik heel veel rode linzen terwijl ik die daarvoor nooit echt lekker vond. Maar daar bleef het wel bij. Die rode linzen eet ik nu weer maar verder leek het allemaal hetzelfde als voor mijn zwangerschap. Totdat ik op bezoek was bij Jake en Amanda. Jake stelde de bekende vraag: have you had any cravings? En ik antwoorde naar waarheid: nee. Daarna vroeg hij of ik wat wilde drinken en ik luste wel een glas water, maar hij had een beter idee en kwam de tuin in met een groot glas rood sap. Het was pomegranate juice, granaatappelsap. Ik klokte het in één keer weg en durfde niet echt om meer te vragen, maar liep later van hun huis linea recta naar de winkel om een paar pakken te halen. Sindsdien drink ik liters granaatappelsap en bewaak ik de pakken met mijn leven want je kunt ze niet overal kopen en stel dat ik zonder kom te zitten. Jasper weet dat het mama's juice is en Adam vraagt netjes of hij ook een glaasje mag. Later vond ik ook nog witte thee met granaatappel en daar ben ik inmiddels ook aan verslingerd. Ik maak me verder maar geen zorgen. Superjuice staat er op het pak, boordevol antioxidanten, cholesterol verlagend en goed voor het hart. Dat kan niet slecht zijn voor de baby.
In onze achtertuin staan twee perenboompjes, drie appelboompjes, een kersenboompje en een pruimenboom en ieder jaar is het een verrassing wat er te oogsten valt. Het eerste jaar hadden we van alles wat maar was alles aangevreten door vogels en wormen. Vorig jaar hadden we vooral heel veel appels, die niet te eten waren zo vies, en emmers vol pruimen. En dit jaar hadden we heel veel kersen en peren maar bleven de appels en pruimen weg. De kersen waren zo lekker dat we ze van de boom aten en Jasper vond het prachtig: zelf je fruit plukken en dan de pitten uitspugen. Deze week was het tijd voor de peren. Toen ik zwanger was van Jasper had ik een obsessie met peren. Ik moest peren eten, iedere dag en het liefst vaker. Vanaf het moment dat Jasper ging eten, had hij hetzelfde. We moeten altijd peren in huis hebben en als ik Jasper op een willekeurig moment vraag of hij wat wil eten dan zal hij altijd naar de fruitschaal wijzen en zeggen: pear. Al vanaf het moment dat er hele kleine vruchtjes aan de bomen zaten, hebben Jasper en ik er samen naar gekeken en steeds moest ik uitleggen dat we geduld moesten hebben, dat de peren groter moesten groeien. En nu was het dan eindelijk zo ver. De boompjes zijn maar klein en dus kon Jasper de peren van de lage takken zelf plukken. We deden ze allemaal in een mand en zeiden om de beurt: wow! Het waren prachtige peren, nog te hard om te eten, maar zo groot en gaaf. De rest van de dag heeft Jasper met de peren gespeeld. In de mand uit de mand, op bordjes en in schaaltjes. One, two, four, six, hoorde ik hem tellen. Nu is het wachten totdat ze zacht zijn en dan moeten we perenijs maken en perentaart en perenmoes, want zo veel peren krijgen zelfs Jasper en ik niet weggewerkt.
Afgelopen vrijdag waren Adam en ik naar het ziekenhuis voor de tweede echo. Ik had de dagen geteld en toen was eindelijk dat kleine wezentje weer in zwart wit op het scherm. De baby lag met zijn gezichtje naar mijn rug en gaf zich niet zo makkelijk gezien, maar alles kon uiteindelijk gemeten en geteld worden. We zagen een prachtig rond hoofdje, twee oortjes, een neusje, geen hazenlipje. Er waren twee armpjes en twee beentjes, twee handjes, twee voetjes en vier hartkamers. Alles werkte en was groot genoeg. De baby wilde niet poseren voor een mooie echo foto en draaide zich snel weer om. Maar ineens zagen we wel heel duidelijk een handje dat achter een oortje leek te krabben, en heel even ging er een heel klein duimpje omhoog. Alles is okee daarbinnen.
Ja we zijn er nog. De verhaaltjes waren even op en de batterijen van de camera leeg. Het waren drukke weken. Ik was er moe van en de baby in de buik, die ik zo veel voel trappelen, was er ineens even stil van. De hele dag en de hele nacht. Het was tijd om een middag op de bank te zitten. Jasper voerde ondertussen zelfgebakken cakejes aan. Choc Mai choc. Hij had alle denkbeeldige ingredienten bij elkaar gemixt in een grote schaal en daarna kleine bakjes gevuld en in zijn kartonnen doos oven gezet. Hot hot, zei hij toen we samen op de bank zaten en lege lepeltjes onzichtbare choc aten. De baby kreeg ook een paar hapjes van Jasper, via mijn navel. Dat werkte. Niet veel later voelde ik weer beweging in mijn buik. Morgen mogen we weer even kijken naar dat mini mensje en ik kan niet wachten.
Heel langzaam begin ik Jasper wat meer te vertellen over de baby en doe ik pogingen om te ontdekken hoeveel hij er van begrijpt. Al een tijd terug probeerde ik hem uit te leggen wat een broertje of een zusje is. Ik gebruikte Jaspers uncle Jake om het duidelijk te maken. Jasper is gek van zijn uncle Jake. Jasper keek heel geconcentreerd en toen ik vroeg of hij het snapte, zag ik hem even denken en toen zei hij zachtjes: jah. Mijn volgende vraag was natuurlijk of hij niet ook een broertje of een zusje wilde. No, zei hij meteen met een grote lach, alsof hij wilde zeggen: doe niet zo gek mama. Inmiddels heeft Jasper echt door dat er iets in mama's buik zit en wijst hij naar alle babies die hij ineens overal ziet. Tijd voor een nieuw gesprekje. Wie is de mama van Jasper, vroeg ik hem. Mai, zei hij meteen en wees naar mij. En wie is dan de papa van Jasper? Dat was natuurlijk Da en Jasper spreidde meteen zijn armpjes want papa was aan het paragliden. Hee en wie is dan de mama van de baby in de buik? Daar moest Jasper diep over nadenken en uiteindelijk haalde hij zijn schoudertjes op, hij wist het niet. Is Mai ook de mama van de baby? Nooo, zei Jasper lachend en hij moest er even van hikken. Zo iets grappigs had hij nog nooit gehoord. Hij wees met zijn vingertje naar zijn wangetje en zei 'my Mai'. Mama is van mij. Hoe kan ze dan ook van iemand anders zijn?
Adam en Jasper gaan meestal samen in bad, maar deze week is Adam in Turkije en dus heb ik zijn taak overgenomen. Gisteravond had ik het bad vol laten lopen en Jaspers kleertjes vast uitgedaan. Hij wilde nog even spelen en dus ging ik zelf vast in bad zitten en riep na een paar minuutjes: Jasp, kom je? Meestal komt hij dan aangesneld en houdt zijn armpjes in de lucht om opgetild te worden, maar nu bleef het stil. Dat was raar want Jasper reageert altijd als hij zijn naam hoort. Ik stapte snel uit bad en sloeg een handdoek om. Misschien was hij verstoppertje aan het spelen. Ik keek in alle kamers maar zag hem nergens. Jasper??? riep ik naar beneden. Ook daar bleef het stil. Ik rende de trap af, keek in de gang, in de zitkamer, in de eetkamer. Toen zag ik dat de achterdeur op een kier stond. En ja hoor, daar zat hij dan. In zijn blootje in de zandbak, schepje in de ene hand, emmertje in de andere. Mai, zei hij heel tevreden toen hij me zag staan. Hij had zelf de achterdeur open gemaakt en het deksel van de zandbak gehaald. Jasper, ik was je kwijt! riep ik. Daar kon hij wel om lachen en toen zijn we alsnog in bad gegaan om het zand van zijn billen te wassen.
Gisteren was ik in het ziekenhuis om met de baby dokter te praten over de bevalling. Mijn eerste bevalling was niet helemaal probleemloos, Jasper had urenlang vast gezeten en moest uiteindelijk met een keizersnede gehaald worden. Nu kon ik kiezen: weer een keizersnede of proberen om het zelf te doen. Ik wil graag dat laatste. De dokter vond het een goed idee, maar moest me wel eerst inlichten over de risico's. Het litteken kan scheuren en dat is gevaarlijk voor moeder en baby en komt in 1 op de 100 gevallen voor. De baby kan beter niet te zwaar zijn en moet niet te laat komen want de weeënopwekkers verhogen de kans nog eens. Maar hij gaf me 70% kans op een natuurlijke bevalling en daar doe ik het maar mee. Na al dat geanalyseer, mocht ik ook nog even op de stretcher liggen en naar het hartje van mijn kindje luisteren. Dat klopte zo mooi dat ik al dat gewauwel over de bevalling meteen weer vergeten was. Nog twintig weken te gaan, ik zit op de helft.
Al maanden zat ik er mee in mijn hoofd. Jasper moest op het potje en uit de luier, potty training noemen de Engelsen dat. Maar hoe doe je dat in godesnaam en wanneer? Wat??? ben je nog niet begonnen? zei de ene moeder toen Jasper net twee was. Oh laat maar waaien, dat komt wel, zei de andere. Toen we op vakantie gingen in juni had ik het potje mee. Jasper liep de hele dag zonder luiertje rond en plaste overal, maar niet in het potje. Na de vakantie hadden we het er vaak over, maar Jasper zei steeds: No Mai. Net voor we naar Nederland gingen, klikte het ineens in zijn kleine hoofdje en deed hij een paar keer een plas op het potje. Maar in Nederland wilde hij er niks van weten en toen we weer thuis waren, bleef het potje no go area. Tot een week of twee geleden. Ik had luiertjes gekocht die hij zelf omhoog en omlaag kon trekken en dat vond hij machtig mooi. Ineens wilde hij niet anders. Nu moest hij nog leren dat hij pas het luiertje en zijn broek omlaag moet doen als hij ook echt moet, en niet zomaar voor de lol. Ondertussen leerde hij ook nog alleen razendsnel de trap op en neer te gaan en toen was de wc boven ineens het mooiste wat er was. Als ik nu zeg dat ik even naar de wc ga, dan haast hij zich naar de trap en roept: Nooo Mai. Hij moet eerst. En dan zit hij daar. Op zijn eigen kleine wc brilletje, met bungelende beentjes en een grote glimlach. Meestal komen er maar een paar druppeltjes uit. Maar dat je zelf je wc papier kan pakken!
Toen ik Jasper maandag van de creche ging halen, stond er op het plankje boven zijn jassenhaakje een kartonnen doos met daarop een wc rol geplakt. Op de zijkant stond geschreven: Jaspers boat. Aha. Ik pakte de doos op en zei tegen Jasper: is dat jouw boot? Zijn hele gezichtje begon te stralen terwijl hij driftig ja knikte. Ik zei: wat is tie mooi Jasp, heb je die zelf gemaakt? Jah, jah, jah. Ik had hem zelden zó trots gezien. En dus gaf ik hem nog een complimentje en zei: die moet je straks aan papa laten zien. In de auto naar huis riep Jasper vanaf de achterbank non stop: bo bo daaa-daaaaa bo. De boot kreeg een plekje op tafel en toen Adam aan het einde van de middag thuiskwam, wees Jasper er meteen naar. Adam keek naar de doos op tafel, zag gelukkig ook de woorden op de zijkant en zei: wow Jasper, wat een mooie boot!!
Ik ben 17 weken in verwachting en Jasper snapt het een heel klein beetje. Er zit een baby in mama's belly. Iedere dag trekt hij wel een keer mijn t'shirt omhoog om over mijn buik te aaien of er een kus op te geven. Af en toe stopt hij kadootjes in mijn navel. Is dat voor de baby, vraag ik dan en dan zegt hij heel blij: jah. Gisteren waren we naar een verjaardag van een vriend van Adam, het was een tuinfeestje en tussen de planten stond een enorme boedha van wel een meter hoog. Jasper kon er niet over uit. Hij wilde steeds naar het beeld kijken en trok dan zijn eigen trui omhoog om naar zijn kleine buikje te kijken, dan naar de dikke blote buik van boedha en vervolgens naar mijn groeiende buik. Na lang nadenken zei hij tegen me: ba-by no, en wees op zijn eigen buikje. Jasper heeft geen baby in de buik. Mai, jah jah ba-by en daarna wees hij naar boedha. Heeft boedha ook een baby in de buik? Jah, zei Jasper om daarna even over de buik van het beeld te aaien.
Jasper heeft bij Oma gelogeerd in Eindhoven, bij zijn tante Marieke in Amsterdam, bij Opa & Coco. Hij is op de boot geweest, met de trein, in de bus, achterop de fiets, naar de kinderboerderij, de eendjes, naar Artis en met Rosa naar het pierenbadje in het park. Hij heeft taartjes gegeten bij Syline, pannenkoeken bij Oma en ijs met Opa. Het is twee weken feest geweest. In de auto terug naar huis was hij stil en sliep hij veel. Moe van al dat kletsen, lachen, spelen. Op de boot hebben we samen naar de meeuwen gekeken op het dek en naar de witte cliffs toen Engeland weer in zicht was. Het laatste stuk in de auto vroeg Jasper wel honderd keer: Mai??... Dada? Ja lieverd, we gaan weer naar papa. Jah, huilde hij dan zachtjes. Twee weken weg van papa is ook heel erg lang. Toen we de straat inreden en hij de bus zag staan, begon hij in zijn handjes te klappen van plezier. Daaaaaadaaaaaa, riep hij terwijl hij de oprit op rende. Adam deed de deur open en Jasper wist niet waar hij moest kijken. Was het echt papa? Pas na een kwartier mocht Adam hem vasthouden en toen Jasper zijn armpjes om zijn nek sloeg, hoorde je een heel klein zuchtje ontsnappen.
The copyright of the illustrations and pictures on this blog belongs to Onneke van Waardenburg unless stated otherwise. Please do not copy or reproduce them without my permission. Thank you!